Het onstaan van Nellie
Het monster van Loch Ness is een inmiddels legendarisch beest dat in de diepte van het meer van Loch Ness schijnt te leven leven.
Nellie, zoals het dier liefkozend door de plaatselijke middenstand wordt genoemd, meet waarschijnlijk 12 tot 15 meter en heeft een lange, slangachtige nek. Men gaat er vanuit dat het een vrouwtje is, hoewel niemand het beest van zó dichtbij heeft kunnen zien, dat dergelijke details zichtbaar waren.
De waarnemingen van het beest gaan terug tot het jaar 565 na Christus toen de Ierse Heilige Columba beweerde de Niseag of Nessie te hebben gezien tijdens de begrafenis van een man die eerder door het dier was gebeten.

Het meest beroemde geval in de zomer van 1933. Op die dag zagen de heer en mevrouw Spicer, net terug van een uitstapje naar Londen, een monster de weg oversteken met een beest in zijn bek om vervolgens in het meer te plonsen.

Loch Ness
De bergen rond Loch Ness zijn eigenlijk hoge heuvels, 500 tot 800 meter hoog. Deze heuvels lopen onder water heel ver steil naar beneden, zodat ze samen een heel diep dal vormen vol met water. Het is eigenlijk een enorme scheur in de aardbodem. Geologen, mensen die de aardkorst bestuderen, hebben vastgesteld dat het Loch Ness miljoenen jaren geleden een stuk van de Atlantische Oceaan was. Door aardbevingen is Loch Ness een meer geworden. Het meer is 296 meter diep. Dieper dan de zee die Engeland en Schotland omringt. Daarom is de hoeveelheid water in Loch Ness ook gigantisch, en zelfs groter dan alle meren en rivieren in Engeland en Schotland te samen. Hoewel de temperatuur van het water laag is, geeft het meer in de winter een warmte af die net zoveel is als de warmte die vrijkomt als je twee miljoen ton kolen zou stoken. Het meer bevriest ook nooit. Bovendien bevat het meer een grote hoeveelheid zalmforel en paling, genoeg om wel veertig grote waterbeesten te voeden.

Kennismaking met het monster van Loch Ness
Het dier heeft zich enkele keren laten zien maar vanaf de 19e eeuw wordt het dier plotseling vaker gezien, maar men heeft nog nooit een foto kunnen nemen. het dier laat zich maar een aantal seconden zien.

Maar pas in 1933 werd het dier voorpaginanieuws, en was de legende van "Nessie" geboren. Toen zagen een meneer en  mevrouw op weg naar hun huis in een dorpje bij Loch Ness "een enorm beest op en neer duiken en rondtollen" in het meer. Hierover kwam een berichtje in de krant en dit leidde tot sensatie in de hele wereld. 

Al gauw kwamen er meer berichten over mensen die het dier hadden gezien. Zoals van een meneer en mevrouw (Spicer) die in de zomer van 1933 een monster de weg zagen oversteken met een beest in zijn bek om vervolgens in het meer te plonsen. In 1934 ziet een andere man het dier in Loch Ness zwemmen en maakt hier een tekening van. In de 47 jaar dat Alex Campbell waterschout van Loch Ness is geweest, heeft hij het dier naar zijn zeggen 18 keer Men heeft wel geprobeerd het dier te fotograferen, maar de meeste foto's zijn nogal onduidelijk.

De beroemdste foto is in 1934 door een dokter gemaakt; een foto met de lange nek van het dier die uit het water steekt. Een andere beroemde foto is in 1977 gemaakt door Anthony Shiels. Behalve dat mensen proberen Nessie te fotograferen, probeerden ook mensen het die te filmen. Op 23 april 1960 slaagde Tim Disdale, na 27 jaar onderzoek naar het dier, erin om iets bewegends op film vast te leggen. Er werden jaarlijkse expedities naar Loch Ness gehouden. In de jaren '70 is Loch Ness zeer uitgebreid met sonar onderzocht. Sonar is een onder water gestuurde geluidsgolf. Als het geluid ergens tegenaan komt wordt het teruggekaatst. Zo kun je zichtbaar maken of er dingen of voorwerpen onder water zijn en wat de vorm en grootte daarvan is. Men zocht onder andere bewijs voor grotten in de heuvels rondom Loch Ness met toegangen onder water, maar dat had geen resultaat. Wel werden zo onderwateropnamen gemaakt van iets dat op de ruitvormige zwempoten van een enorm onbekend dier leek. Maar omdat juist in deze periode het Bureau werd gesloten wegens geldgebrek, twijfelen sommige mensen aan de echtheid van deze foto's. 

Beschrijving
Mensen die het dier hebben gezien,zeggen dat monster er zo uitzag: Het dier is lang, zeker 5 meter. Maar de meeste mensen schatten dat het dier tussen de 12 en 15 meter lang is. Het dier heeft tenminste een bult, maar sommige mensen menen twee of drie bulten te hebben gezien. Ook wordt vaak gezegd dat het dier een lange (slangachtige) hals, ongeveer 2 meter lang, met een kleine kop en een brede bek. Sommige voegen daaraan toe dat het dier hoorns of uitsteeksels op zijn kop had, hoewel niemand zo dichtbij het dier heeft gezien dat dit soort details goed te zien zijn geweest.

Het heeft een glimmende, gladde huid. Over de kleur is het men niet eens: de een zegt zwart, de ander donkergrijs en weer een ander heeft het over bruingroen met een lichtere onderkant. De mensen die het dier hebben zien zwemmen zeggen dat het heel snel kan zwemmen. Op basis van sonar-onderzoek (waarover straks meer) vermoedt men dat Nessie ruitvormige zwempoten of vinnen heeft. Daarom luidt de officiele Latijnse naam " Nessiteras Rhombopteryx". Nessiteras betekent: het dier dat in de Ness zwemt. En Rhombopteryx betekent: dat het vinnen heeft in de vorm van een ruit.

Andere monsters
Loch Ness is overigens niet het enige meer met een monster-reputatie. In Schotland heb je verder nog Loch Morar, waar men ook beweert herhaaldelijk een monster te hebben gezien.

In Ierland bestaan twee meren Lough Ree en Lough Fedda waar men een glimps heeft kunnen zien van een peista of een meremonster.

Ook in Scandinavië veel verhalen over monsters in diverse meren:

In IJsland heb je de Skrimsl, ookwel Lagerfljótsskrímslið genoemd, die in het meer van Lagerfljót Lake is gezien naast diverse sightings in andere meren In Noorwegen, in het meer van Sudal, leeft ook een dier van buitengewone proporties. Het hoofd schijnt de afmetingen te hebben van een flinke roeiboot

De eerste ontmoeting met het dier van het meer van Storsjö in Zweden vond plaats in 1839. De boeren die het zagen, beweren dat het er als een groot zeepaardje uitzag, rood met witte manen. En dit monster schijnt een snelheid te kunnen behalen van zo'n 70 kilometer per uur

In maart 2002 hebben in Argentinië drie herders oog in oog gestaan met de chupacabra, een bloeddorstig wezen, half mens half dier, dat volgens de Latijns-Amerikaanse overlevering 's nachts toeslaat. Het heeft grote poten, rooddoorlopen ogen en scherpe tanden